hello@newnorth.nl+31 (0) 85 401 31 62
/Journal

Google Tag Manager voor beginners

GidsTag management2022.10.30
Freek Kampen
Freek KampenMede-oprichter, New North Digital

Tracking installeren zonder aan de code van je site te zitten. Containers, tags, triggers en variabelen uitgelegd, plus hoe je controleert of het werkt.

Welk probleem GTM oplost

Je wilt meten wat er op je site gebeurt: waar bezoekers vandaan komen, wat ze doen, of je campagnes iets opleveren. Daarvoor moeten er JavaScript-trackingscripts op je site, ook wel marketingtags genoemd.

Zonder tag manager betekent dat: code-editor open, script erin plakken, aanpassen, deployen. Voor één tag is dat te doen. Bij tien tags heb je een rommeltje waar niemand meer doorheen kijkt, en elke wijziging vraagt een developer.

Met GTM plak je één keer één codefragment in je site. Daarna beheer je alles via de interface.

Wat het je oplevert

  • Je hebt geen toegang tot de code van je site nodig om een nieuwe tag te plaatsen.
  • Tags laden asynchroon, wat je site sneller houdt dan losse scripts in je HTML.
  • Je stelt tags in via een overzichtelijke interface in plaats van in code.
  • Je kunt testen en previewen zonder je bestaande rapporten te vervuilen.
  • Er zit versiebeheer in, dus je ziet wat er veranderd is en kunt terug.
  • Beheer je meerdere sites, dan zet je een configuratie eenvoudig over.

De container

Bij het opzetten van je account installeer je de containertag op je site. Dat is vanaf dat moment de enige tag in je HTML.

De container bevat alles wat je verder wilt uitvoeren: je tags, je triggers en je variabelen. Alles wat je daarna toevoegt gaat erin, niet in je site.

Tags

Trackingtags bestaan in soorten en maten: de Google Ads-tag, de Meta-pixel, de LinkedIn Insight-tag, Hotjar, en zo verder. In GTM bundel je ze allemaal onder die ene container.

Wat een tag doet is simpel: gegevens die op je site zijn vastgelegd doorsturen naar een verwerkingspunt, zoals Analytics of je advertentiebeheer. Google levert sjablonen voor de meest gebruikte tags mee. Past er geen, dan kun je een custom HTML-tag gebruiken.

Kijk ook eens in de Community Template Gallery, met containers en tags die anderen hebben gemaakt. Dat geeft een goed beeld van wat er mogelijk is, en soms staat je oplossing er kant-en-klaar tussen.

Triggers

Een trigger bepaalt wanneer een tag afgaat. GTM heeft een set standaardtriggers waaruit je kiest.

Een configuratietag, zoals die voor Analytics, hangt meestal aan een pageview op alle pagina's. Een tag die een aanmelding meet hangt aan een klik op een specifieke knop, of aan een formulierverzending. De kunst zit in het precies genoeg maken van je trigger: te breed en je meet ruis, te smal en je mist gevallen.

Variabelen

Variabelen bepalen wélke gegevens je meestuurt. Elk element op je pagina kan er een worden: de naam, de URL, de waarde van een bestelling, elk ander kenmerk.

Die variabelen worden opgepikt door je rapportagetool, waar ze de context leveren die een kale gebeurtenis mist. 'Aankoop' is een event. 'Aankoop van 240 euro, drie artikelen, via de nieuwsbrief' is een event met variabelen.

Controleren of het werkt

Alles ingesteld, maar werkt het ook? Daar heeft GTM de preview- en debugmodus voor. Daarin navigeer je over je site alsof je een gewone bezoeker bent, terwijl je in een tweede venster precies ziet welke tags afgaan, op welke trigger, en met welke waarden.

Klopt het, dan publiceer je je container. Dit is de stap die in het begin het vaakst vergeten wordt: zolang je niet publiceert verandert er niets voor je bezoekers. Geef je versie een naam en een korte omschrijving, want over drie maanden ben je vergeten wat je gedaan hebt.

Nu jij

Dit is de theorie. Een tool als deze leer je alleen door hem te gebruiken.

Maak vandaag een account aan, zet hem op een testsite, en breek er wat in. De preview-modus zorgt dat je niets kunt beschadigen waar je bezoekers last van hebben.

Wil je hierover doorpraten?

Praten over jouw data?

Vertel ons over je stack, je doelen en de data die je nu mist.

Duurt 1 minuut